Ik durfde bijna niet meer naar buiten

Het is geen kwestie van niet naar buiten willen of "even doorbijten". Ik kreeg akelige paniekaanvallen. Ze overkwamen me en ik had er geen invloed op. Het is alsof je geen lucht krijgt en flauwvalt.

De aanvallen gaan gepaard met hartkloppingen. Het overkwam me steeds vaker.Op een gegeven moment ging ik de deur niet meer uit zonder fiets, die nam ik mee omdat dat veiliger voelde. Dan kon ik sneller vluchten.

Steeds kleinere wereld

Mijn leven werd ingetogen. Ik ging niet meer zo vaak naar buiten. Als ik wel ging, echt niet zonder fiets. Mijn omgeving wende eraan. Mijn man ging zich aanpassen. Als we met de auto ergens naartoe gingen nam ik een vouwfiets mee in de kofferbak. Als mijn man daar iets van durfde te zeggen werd ik boos, dus hij slikte zijn woorden voortaan in.

Straatvrees

Ik heb lang getwijfeld over het wel of niet in behandeling gaan. Het was eng. Eerdere behandelingen hadden geen baat gehad, dus waarom nu wel? Mijn leven had zich echter zo beperkt, ik moest dit doen. Uiteindelijk schreef ik mezelf in voor behandeling van mijn angststoornis, die ze officieel agorafobie noemen (pleinvrees, straatvrees).

Exposure

Ik volgde acht weken lang vijf dagen per week klinische groepstherapie. Daarna acht weken -waar ik nu nog mee bezig ben- intensieve therapie thuis via beeldbellen. Alles draait om exposure. Inmiddels ben ik zo ver dat ik naar het centrum durf te lopen op een woensdagmiddag, als het druk is. Samen met een hulpverlener, op afstand weliswaar. Via skype word ik gecoacht, geobserveerd en bijgestaan.

Zelf ben je geneigd om kleinere stapjes te zetten, ik word flink uitgedaagd. Ik droom van een zorgeloos leven zonder angsten. Het vertrouwen dat deze droom uitkomt wordt steeds groter!