.

Ik viel in een zwart gat na het overlijden van mijn man

Mijn man en ik waren 49 jaar samen toen hij overleed. Ik viel in een zwart gat, voelde me eenzaam. Mijn kinderen waren er voor me, maar hun aanwezigheid vulde de leegte niet op die mijn man achterliet.

Bovendien hebben mijn kinderen ook hun eigen leven, hun gezinnen en werk waarmee ze druk zijn.

Verdriet, piekeren en paniekaanvallen

Mijn leven leek zinloos geworden, ik huilde veel, piekerde en het gemis werd groter en groter. Een paar keer per week had ik ’s avonds in bed een paniekaanval. Dit alles had ook zijn weerslag op mijn lichamelijke gesteldheid. Via de huisarts, waar ik op aandringen van mijn kinderen naartoe ging, kwam ik bij Vincent van Gogh terecht.

Rouwverwerking

Samen met een therapeut heb ik mijn leven onder de loep genomen, mijn rouwproces en mijn sociale contacten. Mijn kinderen sloten regelmatig aan bij de gesprekken. Ik kan mijn verdriet langzaam maar zeker een plekje geven. Om te onderzoeken hoe ik mijn dagen beter kon vullen keek ik samen met mijn therapeut naar allerlei activiteiten in ons dorp. Ze heeft me wel flink moeten stimuleren, want ik vond het nogal een stap. We kwamen uit bij een ontmoetingscentrum voor senioren. Met mijn dochter ging ik twee keer een kijkje nemen. Wat waren de mensen gastvrij daar, het voelde al snel goed. Hier ga ik nu twee keer per week een kopje koffie drinken. Ik heb me aangesloten bij het gym-groepje en ik ga er regelmatig een potje kaarten met een vast clubje. Ik heb op deze manier weer aansluiting gevonden met mijn omgeving en ben hier erg blij mee.

'Het roer in handen'

De gesprekken met mijn therapeut zijn gestopt, maar ik volg voorlopig nog de cursus ‘Het roer in handen’. Hier haal ik veel uit. Ik leer hoe ik op een andere manier kan omgaan met mijn sombere gedachten en angstklachten.